Sporten in winter én zomer vraagt om bewuste keuzes rondom veiligheid. Gladheid, storm, sneeuw, extreme hitte of onweer kunnen zorgen voor risico’s voor sporters, vrijwilligers en publiek. Om onze verenigingen te ondersteunen, biedt de KNSB hieronder een uniforme werkwijze gebaseerd op KNMI‑waarschuwingen, aangevuld met specifieke adviezen voor hitte, onweer, kou en extreme neerslag. Deze werkwijze bevordert niet alleen de veiligheid van de betrokkenen, maar is ook vanuit de (dekking van de) verzekering van belang.
Sporten in winter én zomer vraagt om bewuste keuzes rondom veiligheid. Gladheid, sneeuw, storm, zware regen, extreme hitte, kou of onweer kunnen risico’s opleveren voor sporters, vrijwilligers, officials en publiek.
Daarom is het belangrijk dat verenigingen en organisatoren vooraf nadenken over de vraag: kan de activiteit veilig doorgaan, moet deze worden aangepast, of is afgelasten verstandiger?
Gebruik de KNMI-waarschuwingen als belangrijke basis, maar kijk altijd ook naar:
Bij twijfel geldt: pas de activiteit aan of gelast deze af.
Daarnaast is er voor KNSB-wedstrijden het volgende weer- en afgelastingenprotocol.
Aanpassen in plaats van afgelasten
Weer kan per regio sterk verschillen. Daarom is lokaal maatwerk essentieel — landelijke afgelasting is niet altijd wenselijk.
Onderstaande adviezen gelden voor álle trainingen, wedstrijden en activiteiten bij de volgende afgegeven code door het KNMI.
🟢 Code groen
Activiteiten kunnen doorgaan.
🟡 Code geel — Wees alert
Winter: Kans op gladheid, minder zicht, windstoten of sneeuwval.
Zomer: Hogere temperaturen, kans op eerste hitteklachten.
🟠 Code oranje — verhoogd risico
Winter: hevige sneeuwval, ijzel, zware wind.
Zomer: zware hitte, zeer hoge luchtvochtigheid, onweersdreiging of storm.
Advies KNSB
🟥 Code rood — Weeralarm
Winter: extreem gevaar door storm, ijzel, sneeuwstorm,
Zomer: extreem gevaar door storm, hitte of zware onweersbuien.
Sporten bij warmte kan leiden tot oververhitting, vooral als de luchtvochtigheid hoog is. Dan kan het lichaam warmte minder goed kwijt.
Let extra op bij:
Maatregelen kunnen zijn:
Gebruik bij je besluitvorming:
Door deze informatie te combineren, bepaal je het risico en of een training of wedstrijd verantwoord is.
Twijfel je?
Neem bij grotere activiteiten contact op met de GGD voor advies over aanvullende maatregelen.
Bij onweersdreiging kan de situatie snel onveilig worden, zeker bij buitenactiviteiten.
Advies:
Als vuistregel geldt dat bij minder dan circa 10 seconden tussen bliksem en donder het onweer dichtbij is en direct handelen nodig is.
Gebruik de bovenstaande KNMI weercodes om te bepalen of een training of wedstrijd afgelast moet worden.
Bij extreme koude neemt het risico op onderkoeling, bevriezingsverschijnselen en materiaalproblemen toe.
Bij –20 °C of kouder (lucht- of gevoelstemperatuur), gemeten op 1,5 meter hoogte, wordt altijd overleg gepleegd. Afhankelijk van de lokale omstandigheden kan worden besloten tot: verkorten van de wedstrijd, uitstellen van het starttijdstip of afgelasten van de wedstrijd.
Extra aandachtspunten bij zeer lage temperaturen:
Ook schaatstoertochten gaan niet door bij extreme weersomstandigheden: o.a. sneeuwstorm of zware sneeuwval, dichte of zeer dichte mist en windchill (gevoelstemperatuur bij vorst en harde wind; -/- 20°C of lager).