Ludieke activiteiten houden 125-jarige IJsclub Thialf jong
Auteur: Sjors Leek
Auteur: Sjors Leek
Grootschermer is een typisch plattelandsdorpje in Noord-Holland, met zo’n 700 inwoners, een voetbalclub, een kroeg met elk jaar een kermis én natuurlijk een ijsclub. Die vereniging, IJsclub Thialf, bestaat 125 jaar. Geschaatst op de eigen ijsbaan wordt er lang niet elk jaar meer, maar de club houdt de betrokkenheid hoog door jaarrond diverse activiteiten te organiseren.
Met alternatieve activiteiten speelt Thialf jaarrond een rol van betekenis in Grootschermer.
Toch weet eigenlijk niemand honderd procent zeker dat de vereniging echt 125 jaar oud is. “In de statuten staat namelijk dat we in 1900 zijn heropgericht, maar niemand kan meer iets terugvinden uit de periode daarvoor”, stelt Misha Hoekstra, inmiddels twaalf jaar voorzitter van IJsclub Thialf. “Het is duidelijk dat er voor 1900 ‘iets’ was, maar eigenlijk er is niemand die het weet. Mogelijk komen we er ook nooit meer achter.”
En dus viert men in Grootschermer dit weekend (15 en 16 november) feest. Bijna het hele dorp is lid, dus iedereen is uitgenodigd. “We gaan nog steeds persoonlijk langs de deuren om de contributie op te halen, dus voor de meeste mensen is het lastig om nee te zeggen”, verklaart Hoekstra. Van al die leden is er echter maar een handjevol dat in de winter wekelijks op het ijs staat. “In zo’n klein dorp heb je toch al gauw concurrentie van de voetbal. Alle kinderen zijn nodig om een elftal te vormen!”
Waar voorheen samengewerkt werd met de ijsclub uit het naburige Ursem, is er dit seizoen wel weer voor het eerst een tiental kinderen dat met een eigen trainer elke zaterdag afreist naar Alkmaar voor het jeugdschaatsen. Maar zodra het kan, wordt er in Grootschermer zelf geschaatst, stelt Hoekstra.
Schaatscultuur
De 47-jarige voorzitter, die zelf rond de eeuwwisseling nog in de gewestelijke selectie schaatste, zet zich nu enthousiast in om de schaatscultuur in het dorp levend te houden. “We hebben sinds een aantal jaar zelfs twee natuurijsbanen. De grote baan is een meter tot anderhalve meter diep. Daar kunnen we een mooie 400-meterbaan uitzetten en ook wedstrijden organiseren.”
Omdat de lange vorstperiode die nodig is om die baan dicht te laten vriezen een zeldzaamheid is geworden, heeft de vereniging een aantal jaar geleden het grondgebied uitgebreid met een oud trapveldje in de buurt. “Het was een drassige boel, maar we hebben er een dijk omheen gelegd en het veld gedraineerd. Nu is het een prachtig veld dat de lokale kroeg in de zomer kan gebruiken voor activiteiten en wij kunnen in de winter al op een heel dun laagje schaatsen”, vertelt Hoekstra trots. Zodoende heeft Grootschermer de afgelopen winters vrijwel elk jaar een of meerdere dagen de ijzers onder kunnen binden.
Nieuwjaarsduik
Toch is er ook als het niet vriest genoeg te beleven bij IJsclub Thialf. Denk aan een nieuwjaarsduik in de ondergelopen ijsbaan of een wedstrijd geblinddoekt roeien, uiteraard met een stuurman die wel zicht heeft. Zo wordt het gemis van ijscurling, priksleeën en kortebaanwedstrijden goed opgevangen. Zelfs het ijsbalgooien dat men van oudsher ’s winters organiseerde is vervangen door een moderne variant. Deze lokale traditie die lijkt op klootschieten wordt nu niet gedaan met en op het ijs, maar met rubberen ballen en over straat.
Ondanks al die nieuwe activiteiten hoopt Hoekstra vooral dat het weer eens hard gaat vriezen. “Samen met vijf andere ijsclubs uit de buurt organiseren we de Eilandspoldertocht. In 2012 is die voor de laatste keer verreden, vlak voordat ik voorzitter werd. Ik hoop van harte dat er weer eens ijs komt, want veel kennis van toen ebt ook langzaam weg. Gelukkig hebben we regelmatig nog overleg en hebben we aandacht voor alle moderne eisen rond vergunningen, EHBO en een verkeersplan. Wij zijn er zeker op voorbereid.”
Dit is IJsclub Thialf als er geschaatst kan worden.