Bart Jonkers neemt afscheid van gewesten Drenthe en Groningen
Auteur: Carl Mureau
Auteur: Carl Mureau
Bart Jonkers (72) neemt afscheid als voorzitter van de KNSB-gewesten Drenthe en Groningen, een dubbelrol die hij sinds 2016 heeft vervuld. Hij doet dat opgelucht, want Assen krijgt weer een ijsbaan en Kardinge blijft behouden. “Dat is essentieel voor de hele schaatspiramide.”
Bart Jonkers stopt in de wetenschap dat de lobby voor een tunnelijsbaan in Assen is geslaagd.. De kroon op zijn werk? "Dat kun je wel zeggen."
Dat Bart Jonkers voorzitter van zowel Drenthe als Groningen, is bijzonder. Zeker als je weet dat hij in geen van beide provincies woont: de scheidend preses is sinds 1977 thuis in Hardenberg, in Noordoost-Overijssel. Maar zijn wieg stond in Drenthe (Hoogersmilde) en hij studeerde (biologie/biochemie) in Groningen.
Schaatsen deed hij in beide provincies: als kind op natuurijs in Hoogersmilde, als student (bij TJAS) op ijsbaan Stadspark Groningen, als lid van Hou Streek op het kunstijs in Assen en sinds 2016 in Enschede nog af en toe op Kardinge. Jonkers houdt van de schaatssport, is wat je noemt een ware liefhebber, die zelf twee keer de Elfstedentocht uitreed.
Intussen heeft hij zijn sporen vooral naast de ijsbaan, aan de bestuurstafel verdiend. Begonnen als bestuurslid en voorzitter van de Hardenbergse schaatsvereniging Hou Streek (1986 - 2011) stroomde hij door naar het bestuur van het Gewest Drenthe (2011-2014). In 2014 trad Jonkers toe tot het algemeen bestuur van de KNSB. Sinds 2016 is hij terug in de provincie, als voorzitter van de KNSB-gewesten Drenthe en Groningen.
Met alles wat gebeurd is in die bijna veertig jaar zou je een stevig boek kunnen vullen. Alleen al die periode binnen de landelijke organisatie van de KNSB (2014-2016) stond bol van rumoer, ruzie en rellen. De bond bereidde zich voor op een professionele, slagvaardiger organisatie, wat gepaard ging met machtsspelletjes. “Er was in die tijd best veel te doen”, zegt Jonkers met een glimlach. “Het was een enerverende periode.”
Hij herinnert zich vooral de positieve kanten. “Het was een cadeautje om met zoveel mensen binnen de KNSB in contact te komen, mensen die zich met hart en ziel inzetten voor de schaatssport.” En hier spreekt de ware schaatsliefhebber: “We hadden ook nauwe verbinding met de topsport. Het was boeiend om een kijkje achter de schermen te krijgen bij NK’s en ook twee WK’s. In 2015 zat ik in Astana zomaar aan de ontbijttafel naast Shani Davis, een geweldig schaatser. Mooi toch?”
Terug in het gewest draaide het vooral om breedtesport en talentontwikkeling (via de Stichting Topschaatsen Drenthe en Groningen). In bijna tien jaar is een hoop gebeurd. Waar Jonkers zelf het meest blij van wordt, zijn de gratis schaatsmiddagen op Kardinge voor natuurijsclubs uit beide gewesten, die nog altijd massaal worden bezocht. Ook mooi: de samenwerking met de Sven Kramer Academy, die nu zijn derde seizoen is ingegaan. “Dat slaat echt aan, daar bereiken we heel veel kinderen mee.”
Even pauze tijdens de Elfstedentocht van 1986.
Voor zijn inzet als vrijwilliger in de schaats- en skeelersport maakte de KNSB Jonkers in 2016 lid van verdienste en in 2021 werd hij benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Het zijn onderscheidingen waar hij trots op is, maar bij het einde van zijn dubbele voorzitterschap blikt hij vooral tevreden terug op de geslaagde strijd voor een ijsbaan in Drenthe. De kroon op zijn werk? “Ja, dat kun je wel zeggen.”
In 2016 sloot De Bonte Wever in Assen zijn deuren. De ijsbaan was fysiek op en viel niet meer te exploiteren. De tent ging dicht en de schaatssport in Drenthe kreeg een zware dreun. Verenigingen zagen hun ledental drastisch afnemen. “Als mensen meer dan een half uur moeten rijden om bij de ijsbaan te komen, haken ze af, dan kiezen ze een andere sport.” Met de schaatsers die overbleven, weken de clubs uit naar Groningen, Heerenveen, Deventer en Enschede.
Dat deed pijn in vele Drentse schaatsharten, ook in dat van Jonkers. Als gewestelijk voorman zette hij zich actief in om toch weer een kunstijsbaan van de grond te krijgen. Dat leek in 2017 te lukken, totdat Hoogeveense plannen te pompeus en te duur werden. In 2020 ging er een streep door, schaatsend Drenthe stond weer met lege handen.
Een koffieafspraak in Amersfoort met ondernemer Tijs Nederlof, geïnitieerd vanuit het KNSB-bondsbureau, leidde tot hernieuwde energie. Nederlof is sinds 2013 succesvol exploitant van de Schaatsbaan Rotterdam, een tunnelijsbaan. Dat concept, met lagere bouwkosten en minder energieverbruik dan gewone ijsbanen, wilde hij ook wel in Drenthe neerzetten. Lang verhaal kort: in juni van dit jaar ging het licht op groen voor realisatie van een tunnelijsbaan in Assen.
“Dat was geweldig nieuws”, zegt Jonkers. “Ik heb van nabij ervaren hoe de schaatssport instort als een ijsbaan verdwijnt. Drenthe is een dunbevolkte provincie en niet heel rijk. Je moet veel partijen samenbrengen en goed samen laten werken om weer zo’n ijsbaan van de grond te krijgen. Het verbinden van partijen en hen blijven enthousiasameren is mijn rol geweest. Het geeft voldoening nu dat gelukt is. Er wordt hard gewerkt aan uitvoering van de plannen. Laten we hopen dat ze erin slagen om inderdaad eind 2026 open te gaan.”
Bart Jonkers (l) met de Drentse schaatsiconen Jan Bols (m) en Piet Kleine op bezoek bij de tunnelijsbaan in Rotterdam.
Ietwat ingewikkeld werd de lobby wel, toen najaar 2023 in Groningen de toekomst van ijsbaan Kardinge ter discussie kwam te staan. Ondanks ambitieuze renovatieplannen voor het economisch afgeschreven sportcomplex, twijfelden B en W plots hardop aan nut en noodzaak van een ijsbaan daarin. Een stevige lobby was nodig om dit onheil voor de schaatssport af te wenden. Vooral de schaatsverenigingen, die zich bundelden in de werkgroep Behoud IJsbaan Kardinge (BIJK), deden van zich spreken.
De kwestie-Kardinge laaide precies op in een periode dat de Drentse ijsbaanlobby in Assen succesvol leek te worden. Sommige politici verbonden de twee zaken aan elkaar: waarom zou Groningen nog een ijsbaan moeten hebben als er straks een in Assen komt? Jonkers moest in die tijd, als voorzitter van de KNSB-gewesten Drenthe én Groningen, spitsroeden lopen.
“Ik heb steeds benadrukt dat het om twee verschillende banen gaat”, blikt hij terug. “Assen is bestemd voor recreatieve schaatsers, die kennismaken met de sport. Gezinnen met kinderen, die straks niet meer zo ver hoeven te rijden om naar de ijsbaan te kunnen. Als een kind de sport leuk vindt en talent heeft, maakt het vanzelf de overstap naar Groningen. Kardinge is geschikt voor verenigingen, wedstrijdschaatsen en ook topsport. Die twee ijsbanen bijten elkaar niet. Sterker nog, ze hebben elkaar nodig. Dankzij Assen wordt de basis van de schaatspiramide breder en dat is ook goed voor de top, die in Kardinge aan zijn trekken komt.”
Ook in Groningen lijkt de schaatssport gered, want zowel de gemeente als provincie heeft zich intussen bereid verklaard geld te investeren in een nieuw Kardinge mét een volwaardige ijsbaan erin. Eind goed, al goed. In deze wetenschap neemt Jonkers afscheid als voorzitter. Op 18 november is zijn laatste ALV in Groningen (Engelbert), twee dagen later volgt die in Drenthe (Westerbork).
Wie zijn opvolger wordt, is nog niet bekend. Jonkers: “Toen ik drie jaar terug aan mijn laatste termijn begon, hoopte ik twee doelen te bereiken: een ijsbaan in Assen én een opvolger voor mijzelf. Dat eerste is gelukt, maar een nieuwe voorzitter hebben we helaas niet kunnen vinden.” Toch overheerst een gevoel van voldoening. “Ik kijk terug op een mooie periode, waarin ik met veel mensen prettig en constructief heb kunnen samenwerken. Het is goed dat anderen het overnemen.”
Jonkers krijgt meer tijd voor de familie, die bestaat uit drie geadopteerde kinderen en vier kleinkinderen. Na(ast) zijn loopbaan in het onderwijs (als docent en schoolleider) zette hij zich niet alleen in voor de schaatssport, maar is hij ook actief binnen de protestantse kerk, sinds vorig jaar als voorzitter van de Algemene Kerkenraad van de PKN in Hardenberg-Heemse. Ook is hij vicevoorzitter van de Raad van Toezicht van Chrono, een stichting met 15 basisscholen. Een zwart gat vreest hij niet. “Ik neem de tijd om thuis eens goed op te ruimen. Sinds 2020 ben ik met pensioen, maar aan de KNSB besteedde ik gemiddeld vier dagdelen per week, dus er is hier heel wat blijven liggen.”
Jonkers op het natuurijs van de Weissensee (2024).