Inline-skaten Kunstrijden Langebaan / kortebaan Marathon Schoonrijden Shorttrack Toerschaatsen
‹ terug

Besluiten (sectie)

Met een structureel andere aanpak is internationaal succes in het kunstrijden voor Nederland op de lange termijn weer mogelijk.

Dat staat in een gedegen adviesrapport van de Werkgroep Topsport Kunstrijden, waarin door alle geledingen van de sport (coaches, jury, verenigingen, (oud)-rijdsters – waaronder Karen Venhuizen –, alsmede vanuit NOC*NSF is meegedacht, en dat inmiddels ter goedkeuring bij het Algemeen Bestuur van de KNSB op tafel ligt.

Na een implementatiefase moet er in 2022 een volwassen structuur voor het Nederlandse kunstrijden staan.

Werkgroep Topsport Kunstrijden
Omdat het kunstrijden in Nederland al jaren in zwaar weer verkeert, besloot de KNSB midden vorig jaar een Werkgroep Topsport Kunstrijden in het leven te roepen om te onderzoeken hoe de schaatsbond met deze wereldwijd grootste schaatsdiscipline een nieuwe start kan maken. De Werkgroep kreeg onder andere mee dat er niet in beperkingen gedacht hoefde te worden, maar dat het in eerste instantie ging om te komen tot een zo goed mogelijk advies om het Nederlandse kunstrijden weer naar een hoog niveau te brengen. Ook door financiële middelen hoefde de Werkgroep zich niet te laten belemmeren, met de opmerking dat de Werkgroep wel moest kijken naar mogelijke financiering (lees subsidiemogelijkheden).

Na een grondige analyse en diepgaande discussies over de definitie van topsport, breedtesport en sportparticipatie alsook professionalisme, specialisatie, topsportmentaliteit en sportcultuur, ligt er nu een adviesrapport.

De conclusies waartoe de Werkgroep Topsport Kunstrijden is gekomen, zijn hard, maar ’geschreven met een topsport mentaliteit’. De Werkgroep Topsport Kunstrijden is daarnaast van mening dat de KNSB, het Unit Bestuur Kunstrijden en NOC*NSF moeten durven investeren in het kunstrijden, want er liggen volop mogelijkheden.

RTC en CTO
Een structuur met vier regio’s (RTC’s), met ieder een eigen trainer, en een Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO), waar de top van het Nederlandse kunstrijden centraal traint onder leiding van een bondscoach, staat centraal in de voorgestelde plannen van de Werkgroep Topsport Kunstrijden. Deze structuur, die ook is terug te vinden binnen het strategisch plan ‘De KNSB op weg naar 2020’ en het ’Olympisch Plan 2028’, heeft binnen andere topsportdisciplines al bewezen een succesfactor te zijn.

Behalve de faciliteiten die de RTC’s en een CTO bieden, is er ook behoefte aan meer (zomer)ijs en zal samenwerking gezocht moeten worden met andere schaatsdisciplines en sporten om een optimale topsportcultuur te creëren. De creatie van een opleidingstraject voor topsporttrainers in het kunstrijden is een andere ’must’. Daarnaast gaan de verenigingen in de nieuwe structuur een belangrijke rol spelen. Als vijver voor talent, de vroegtijdige ontwikkeling daarvan en voor de doelstellingen sportparticipatie en ‘fanbeleving’ vormen zij straks de spil in het geheel.

Implementatietraject
Hoewel de verwachting is dat er nog geschaafd gaat worden aan het adviesrapport, hoopt de KNSB op korte termijn al wel te kunnen starten met de voorbereidingen van het implementatietraject. De implementatiefase is verdeeld in drie blokken. Het startpunt is de huidige situatie, het eindpunt ligt in 2022 en omvat een volwassen structuur voor het Nederlandse kunstrijden, waarin topsport een belangrijke plaats inneemt en waarvan de eerste resultaten tijdens de Spelen in 2022 zichtbaar moeten worden.

“Wij zijn ontzettend blij met dit gedegen adviesrapport van de Werkgroep Topsport Kunstrijden. Een plan met een visie en voldoende mogelijkheden om kunstrijden weer op de kaart te zetten en in de toekomst internationaal met de top mee te kunnen doen”, laat Arie Koops, directeur sport, weten. Om te vervolgen: ”De KNSB kijkt de komende maanden samen met de belanghebbende partijen naar de mogelijke consequenties van de aanbevelingen. Daarnaast gaan we het implementatietraject voorbereiden.”